Cookies verzekeren het goed functioneren van onze website. Door gebruik te maken van deze site, gaat u akkoord met ons gebruik van cookies. Meer weten?

Ok
Menu

INTERVIEW met ...Tania Maamary, Brussels coördinatrice voor digitale inclusie

03 September 2019

We zetten de eerste coördinatrice voor digitale inclusie in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest in de kijker!

U bent de eerste coördinatrice voor digitale inclusie in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Wat houdt uw rol precies in? 

In december 2018 keurde de gewestregering van Brussel-Hoofdstad een actieplan goed voor digitale inclusie. Dit plan omvat vier hoofdthema’s: de ontwikkeling van acties binnen het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, aanbevelingen voor de gemeentes, de ontwikkeling van OCR’s (Openbare Computerruimtes) en de communicatie rond deze acties. Als coördinatrice voor digitale inclusie is het mijn taak om acties op te zetten in verband met deze vier hoofdthema’s.

Mijn voornaamste taken zijn:
  • een label ontwikkelen ‘OCR van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest’
  • een studie uitvoeren over het profiel van de bezoekers van de OCR’s om hun behoeften vast te stellen en aanbevelingen te doen
  • een dienst/actie voorstellen ten voordele van de gemeenten in samenwerking met het CIBG
  • een communicatieplan uitwerken voor digitale inclusie dat gericht is op zowel het grote publiek als specifieke doelgroepen
  • het huidige OCR-netwerk ondersteunen, met o.a. het netwerk CABAN (het collectief van Brusselse actoren voor digitale geletterdheid)
  • een commissie voor digitale inclusie oprichten en leiden die afhangt van de stuurgroep Easybrussels
  • de contacten bevorderen tussen de stakeholders binnen de sector van digitale inclusie.
 
Hoe zou u het begrip ‘digitale kloof’ omschrijven? 

Het begrip ‘digitale kloof’ is moeilijk te definiëren. Om de verschillende aspecten ervan te begrijpen, verwijs ik alvast naar deze studie van onderzoekers van de UCL die de digitale kloof in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest analyseert. In het algemeen wordt de term “digitale ongelijkheid’ gebruikt om de verschillen te beschrijven op het vlak van het type en de kwaliteit van de toegang, in de vorm van betrokkenheid en in de manieren waarop technologie wordt gebruikt.” (Brotcorne, Mertens & Valenduc, 2009)

De digitale kloof stelt ons voor een dubbele uitdaging. Enerzijds moeten we vaststellen dat er ongelijkheden bestaan op het vlak van toegang (tot een computer of internetverbinding), en tot een kwalitatieve verbinding (breedband). Anderzijds zien we ook ongelijkheden op het vlak van betrokkenheid en toepassingen. Deze ongelijkheden hebben te maken met de interesse of het nut dat de gebruiker zelf ervaart. Ten slotte bestaan er ook ongelijkheden op het vlak van vaardigheden en digitale knowhow.

Er zijn heel wat factoren die een rol spelen bij digitale uitsluiting: sociodemografische en sociaaleconomische elementen (zoals geslacht, leeftijd, etnische afkomst, gezinssamenstelling, handicap, geografische locatie, inkomensniveau, behaald diploma …), maar ook de sociale context en de socioculturele omgeving.

 
Bestaan er statistieken over de digitale kloof in Brussel?

Er worden steeds meer studies verricht om de digitale kloof in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest te meten.
De studie die ik hierboven vermeld (van de UCL) maakt het mogelijk om de digitale inclusie gemeente per gemeente in kaart te brengen en om een totaalscore te geven als indicator voor digitale kwetsbaarheid.

De Koning Boudewijnstichting meldt dat in België “4 burgers op 10 het risico lopen op digitale uitsluiting”.

Het BISA ten slotte publiceerde in 2019 statistieken over ‘Brusselaars in het digitale tijdperk: toegang tot en gebruik van ICT’. Deze studie toont aan dat 84% van de Brusselse huishoudens toegang heeft tot breedbandinternet. 87% van de Brusselaars gebruikt regelmatig internet om sociale netwerken te gebruiken (81%), aan internetbankieren te doen (69%) of online te shoppen (63%). 64%, dus ongeveer 2 op 3 van de internetgebruikers, gebruikt internet om overheidszaken te regelen.

Toch stelt de studie ook vast dat “niet alle Brusselaars gelijk zijn op het vlak van digitalisering. De digitale kloof treft nog steeds een aanzienlijk deel van de Brusselse bevolking. Mensen met lagere inkomens en lagere opleidingsniveaus, ouderen, werkzoekenden en inactieve personen zijn naar verhouding talrijker in het nooit gebruiken van het internet”.
 
 
Wie zijn de spelers op het vlak van digitale inclusie in Brussel?

In Brussel zijn tal van spelers actief op het vlak van digitale inclusie.

Als eerste vermeld ik de Openbare Computerruimtes (OCR), waar burgers toegang hebben tot een computer en een internetverbinding, met zo nodig begeleiding door multimedia-animatoren en met de mogelijkheid om opleidingen te volgen die de digitale kennis vergroten en de deelnemers daartoe de middelen aanreiken.

Er zijn heel wat OCR’s op zowel gemeentelijk, regionaal als verenigingsniveau, met als gemeenschappelijk doel de digitale kloof in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest te verkleinen.
Rond deze OCR’s heeft zich een netwerk gevormd: het collectief van Brusselse actoren voor digitale geletterdheid (CABAN). Op hun website staan alle OCR’s van het gewest.

Tal van verenigingen leveren inspanningen op het vlak van digitale inclusie:
  • Solival spant zich in om ICT toegankelijk te maken voor mindervaliden en ouderen.
  • Blindenzorg Licht en Liefde biedt een waaier aan expertise aan die blinden en slechtzienden toegang verschaft tot faciliterende tools en technieken.
  • Digital Seniors bevordert de autonomie van ouderen, door in te spelen op de uitdagingen waarmee deze doelgroep te maken krijgt bij het gebruik van informaticamiddelen.
  • ...
Ten slotte moeten we zeker ook verwijzen naar alle programmeerscholen in Brussel die hun steentje bijdragen tot de digitale inclusie: Ecole 19, BeCode, CodeNPlay, HackYourFuture, Interface3 en nog vele andere.

 
Kunt u ons enkele inspirerende voorbeelden geven van beleidsmaatregelen of projecten rond digitale inclusie, in België of in het buitenland?

Een inspirerend voorbeeld van een digitaal inclusieproject is de aanstelling van openbare schrijvers (of openbare informatici) die gespecialiseerd zijn in een digitale aanpak. Het aanbieden van hulp bij het invullen van de belastingaangifte of bij het raadplegen van de portaalsite eGezondheid is een vaardigheid die alle multimedia-animatoren van de OCR’s beheersen. Maar dit heeft belangrijke gevolgen. Het betekent immers dat de animator toegang krijgt tot vertrouwelijke, financiële en private informatie. De aanstelling van openbare schrijvers kan een meer gereglementeerd en strikt kader scheppen rond deze toegang, en de eindgebruiker heeft dan weer de zekerheid dat zijn gegevens beschermd zijn. In dat verband vermeld ik het project Informaticien public van de vzw ARC (Action et Recherches Culturelles).

Een ander inspirerend initiatief is de Espace Public Numérique Mobile (Mobiele Openbare Computerruimte). Om de mobiliteitsproblemen van een groot deel van de bevolking te verlichten die geconfronteerd wordt met digitale uitsluiting (zoals senioren, personen met beperkte mobiliteit, enz.), zou de OCR niet langer alleen een vaste fysieke locatie zijn, maar zich ook kunnen verplaatsen en zo nog toegankelijker te worden. Om aan deze vraag tegemoet te komen, heeft de OCR Espace Culture et Développement een mobiele OCR ontwikkeld.
 
 
U bent werkzaam bij het CIBG. Hoe wordt digitale inclusie ingepast in uw eigen organisatie en uw projecten?

Het Centrum voor Informatica voor het Brusselse Gewest (CIBG) is als instelling van openbaar nut de informaticapartner van elke openbare instelling die innovatieve en coherente ICT (informatie-en communicatietechnologieën) wil introduceren. Op die manier kan een instelling met maximale efficiëntie werken en gebruiksvriendelijke diensten aanbieden aan Brusselaars, bedrijven en bezoekers van het gewest.

In het kader daarvan vervult het CIBG opdrachten inzake ontwikkeling en bijstand op het vlak van informatica, telematica en cartografie.

Wanneer het CIBG een nieuwe digitale dienst voor de burger ontwikkelt, streeft het ernaar om die dienst zo gebruiksvriendelijk mogelijk te maken (user-friendly) en bovendien toegankelijk voor iedereen (onder andere dankzij het label Any Surfer).

Vele projecten worden op deze manier ontwikkeld. Denk maar aan Fix My Street, dat burgers de kans geeft om problemen in de openbare ruimte te melden (een beschadigd wegdek, een gat in de weg, sluikstorten, enz.), de gratis openbare dienst wifi.brussels of IRISbox, het online loket. Al deze slimme toepassingen, die het de burger gemakkelijker maken, moeten voor iedereen toegankelijk en gebruiksvriendelijk zijn.

Als coördinatrice heb ik ook specifieke opleidingen uitgerold voor multimedia-animatoren, zodat zij vertrouwd kunnen raken met een hele reeks digitale overheidsdiensten. Op die manier zullen ze burgers en bezoekers van een OCR makkelijker kunnen helpen om deze diensten te gebruiken.

 
Welke aspecten van digitale inclusie raken u persoonlijk het meest? 

Alle aspecten van digitale inclusie liggen me na aan het hart, maar initiatieven voor mindervaliden, in het bijzonder slechtzienden, raken me diep. De toegang tot digitale toepassingen is voor deze doelgroep extra lastig. Aangepaste apparatuur is immers heel duur. OCR’s zijn jammer genoeg niet of onvoldoende uitgerust om deze mensen te helpen.

In het kader van de digitalisering van diensten of Smart City, is het ons doel om het leven van de burger te vergemakkelijken. Jammer genoeg wordt dit doel zelden bereikt bij slechtziende personen. Hierdoor lopen zij niet alleen het risico op digitale uitsluiting, maar ook op sociale uitsluiting.
Betrokken administratie(s)
Terug naar news

De smart toekomst van Brussel? Ik doe mee!

Een slimme stad heeft oor voor haar inwoners, bedrijven… en hun ideeën!

Challenge

Powered by creaxial